Feest in Gran Paradiso

Ik probeer elke tocht mijn grenzen te verleggen, steeds wat moeilijker en uitdagender. Bij deze tocht durfde ik het aan om een aantal ongemarkeerde en onbekende collen te beklimmen. Ik heb gekregen wat ik wilde. Het was soms moeilijk, fysiek zwaar en mentaal uitputtend. Maar het was ook woest, ruig en geweldig. Terwijl ik dit verslag schrijf is de spierpijn alweer over en doen mijn voeten niet meer zeer. En ik weet nu al weer, dit is wat ik wil, en méér!

Dag 1:

Na een lange busreis stapte ik uit in Aosta en vandaar spring ik meteen in de bus naar Pont Valsavarenche op ongeveer 2000m hoogte. Ik begin met klimmen en laat de bomen en de alpenweides achter mij, om die zeven dagen later pas weer terug  te zien.
De eerste dag doe ik kalm aan, na een busreis van ruim 20 uur ben ik aardig brak en ik wil langzaam aan de hoogte wennen. Ik zet mijn (nieuwe) tentje al vroeg op en kruip snel in mijn slaapzak.

Dag 2:

De volgende dag sta ik te trappelen om op pad te gaan en voor 7 uur ben ik al op stap. Vandaag loop ik meteen naar 3000m, over goede en gemarkeerde paden.
De eerste col is een juweeltje en geeft prachtig uitzicht op een bergmeertje en col nummer twee van de dag.  De afdaling is steil, maar eenvoudig en al snel hou ik pauze bij het prachtige bergmeertje.
Vanaf de tweede col zie ik slecht weer aan komen, eerder dan verwacht. Ik besluit zolang mogelijk door te lopen, want voor morgen wordt de hele dag slecht weer voorspeld. Tijdens de afdaling moet ik flinke sneeuwvelden oversteken. Het blijft bijzonder om in de zomer sneeuw te zien

Dag 3:

De nacht verloopt onrustig. Onweer, flinke buien en harde wind geselen mijn tent. Ik gister aan het eind van de dag andere wandelaars tegengekomen en we besluiten samen op te lopen met dit slechte weer. We hebben geluk, want tijdens de klim naar de col houdt het weer zich koest en worden we getrakteerd op een mooie regenboog. Maar aan de andere kant is het winter. Hagel, sneeuw en harde wind.
Langzaam lopen we naar een schuilhut, waar we de middag doorbrengen. Tegen de tijd dat er meer mensen komen om te schuilen, wordt het mij te druk en zet ik mijn tentje op. Die nacht gaat de wind liggen en de volgende dag is het stralend weer.

Dag 4:

Na een rustige nacht is het tijd voor het moeilijkere werk. Een col vol met rotsblokken en sneeuw. Maar goed gemarkeerd, dus verdwalen kan niet
Blokkenvelden zijn niet mijn favoriet en ik ben moe van de grote stappen en af en toe klauteren. Blij dat dit veld achter de rug is! Later blijkt dat ik nog veel grotere en steilere velden moet oversteken, maar dat weet ik nu nog niet…
Na Colle dei Becchi volgt nog een steile col en aan het einde van de dag is mijn vaatje leeg. De hele dag zon heeft zijn tol geeist en ik neem ORS om weer een beetje bij te komen. Na een flinke maaltijd komen mijn krachten weer terug en bereid ik me mentaal voor op morgen, want dan ga ik van het pad af. Geen markeringen meer, maar op eigen gevoel omhoog. Spannend!

Dag 5:

De volgende dag kom ik meteen weer terecht in blokkenvelden en in de 500 meter naar de col zoek ik de makkelijkste weg omhoog. Ik word steeds handiger in die blokken en loop er soepeler overheen. Toch maak ik af en toe een misstap of stap op een losse steen, maar zonder valpartijen, gelukkig!
Op de col heb ik beide kanten op adembenemend uitzicht. Maar ook zie ik de afdaling en die is…. (slik) steilMaar ik kan dit (denk ik?), en meer glijdend dan lopend kom ik veilig beneden. Tijdens de afdaling veroorzaak ik enorme steenslag en ik ben blij dat ik alleen loop, zodat niemand geraakt kan worden door de steenlawines.
Als toetje krijg ik nog een enorm blokkenveld en zowaar krijg ik plezier in die dingen. Maar sommige rotsen zijn groter dan ik, dus af en toe moet ik flink klauteren. Mijn bovenbenen moeten vol aan de bak en ik vrees voor flinke spierpijn.
En inderdaad, als ik ‘s nachts wakker wordt om te plassen en door mijn hurken zak, doen mijn benen flink zeer. Dat wordt wat morgen.

Dag 6:

De volgende dag volgt weer een moeilijke col zonder pad of markeringen. Gewoon de col in zicht houden en klimmen. Hoewel het eigenlijk heel goed gaat, word ik wel onzeker door het gebrek aan andere mensen en herkenningspunten. Af en toe een bevestiging dat ik goed zit, of dat ik het goed doe, zou fijn zijn. Maar dat is er niet, totdat ik op de col kom. Daar zijn nieuwe touwen aangebracht en zijn er stalen treden geplaatst. Deze afdaling is door steenlawines onveilig geworden en om de wandelaar veilig over het steilste deel te loodsen, zijn er kabels aangebracht.  Dat is nog eens een kadootje! Maar veertig meter onder de col zijn de markeringen verdwenen en is het weer aan mij. Langzaam vind ik mijn weg omlaag door de rotsblokken.
Mijn benen worden steeds moeier en ik heb meer moeite om me te concentreren. Wat verlang ik naar een pad, zodat ik niet meer hoef te denken en te oriënteren, maar gewoon domweg kan volgen.
Na een vermoeiende, trage afdaling van 500m kom ik bij zo’n pad, dat mij moeiteloos de weg omhoog wijst naar een schuilhut. Het is nog vroeg in de middag en ik haal mijn e-reader tevoorschijn voor een heel luie middag.

Dag 7:

Nog één dag lopen, nog één col over. Een col waarvan ik gelezen heb dat ook deze achterzijde is verwoest door steenval. Ook daar zal ik weer moeten zoeken naar mijn eigen pad. Eigenlijk wil ik nu wel eens wat makkelijks, want ik word steeds moeier. Maar ik heb geen keus, dit is de enige oversteek naar het volgende dal. De klim is gemarkeerd en verloopt soepel. Wel word ik geplaagd door harde wind en dreigende luchten. Doorlopen dus! Op de col kan ik de ravage van stenen aan de andere kant zien. Puin, gruis en rotsblokken, de laatste van de tocht. Ook deze afdaling kom ik ongeschonden door en als ik dan op een heus pad kom, is het tijd voor feest!

Dan volgt een lange, luie afdaling naar Cogne, een toeristisch bergdorpje. Ik vind het heerlijk om makkelijk te lopen en om tegelijkertijd een beetje te kunnen dagdromen. Maar na een uur wordt het wel saai, en na twee uur ben ik het zat. Mag ik alsjeblieft weer sneeuw, puin, gruis en blokkenvelden!?
In het dal neem ik een vrije dag en vul die dag met eten, slapen en lezen. Ik verslind de ene na de andere pizza en ook een douche is meer dan welkom.

Dag 8:

Een dag later voelen mijn benen alweer fit, klaar voor een nieuwe tocht. Maar de vakantie is ten einde en de bus naar huis wacht.

Mijn volgende tocht kan ik met heel veel ervaring meer aanvangen, want wat heb ik veel geleerd tijdens dit ommetje om het Gran Paradiso NP!

Na deze tocht benoem ik mijzelf officieel tot berggeit, die zich voorlopig tevreden moet stellen met de Hollandse vlakke weides. Maar het zal niet lang duren totdat ik weer ga, hoog de bergen in!


Klik hier voor de foto’s van deze tocht.


Voor wie ook deze tocht wil lopen en een echte berggeit wil worden, hier de details van de tocht:

Er naar toe: Met de bus (Eurolines) van Rotterdam naar Aosta. Dan verder met de bus naar Pont Valsavarench. Je kunt ook treinen of vliegen via Turijn.

Benodigde kaarten: Escursionista 10 Valle di Cogne Gran Paradiso 1:25.000 en Escursionista 14 Valle dell’Orco, Gran Paradiso 1:25.000. Neem niet de overzichtkaart van Gran Paradiso (Parco Nazionale Gran Paradiso – Wandelkaart Aosta 1:50.000), deze is onnauwkeurig en er staan veel routes op die niet (meer) begaanbaar zijn.

Duur van de tocht: 7 dagen en 1 reserve dag.

Gelopen route: dag 1: Start in pont Valsavarenche – Alpe del Nivolet- Rif. Città di Chivasso. Dag 2: Rif. Città di Chivasso – Alpe Comba – Punta Rocchetta – Colle della Porta – Alpe Gran Piano. Dag 3: Alpe Gran Piano – Bocchetta del Ges – Bivacco Ivrea. Dag 4: Bivacco Ivrea – Colle dei Becchi – Rif. Pontese – Bocchetta di Valsoera – Rif. Marco Pocchiola Meneghello. Dag 5: Rif. Marco Pocchiola Meneghello – Lago di Motta – Colle di Motta – Bivacco Revelli. Dag 6: Bivacco Revelli – Colle Valletta o Finestra – Bivacco Davito. Dag 7: Bivacco Davito – Col de Bardoney – Lac de Loie – Lillaz – Cogne. Dag 8: Pizza eten!

Terug reis: Met de bus van Cogne naar Aosta en de bus naar Rotterdam.

 

23 reacties

  • Lieve stoere berggeit! Dat heb je weer even knap gedaan!! Heel gaaf om je verslag te lezen, maar nu ik er een heel klein beetje aan heb mogen proeven weet ik dat het in het echt nog een veel groter avontuur is. Hip tentje ook! Liefs Wietske

  • Yvonne veldhuizen

    Wat een sterke meid ben je en wat een mooie route. PETJE AF!!

  • André Beemsterboer

    Hoi Saskia,

    Dit was weer een schitterende tocht en ervaring. Hopelijk zullen er nog veel volgen.

  • Lijkt me een prachtige tocht en wat kun je het goed verwoorden: heerlijk om te lezen.

  • Wauw! Gestoord! Stoer!
    Dat zijn de woorden die bij me opkomen.
    Wat heb je weer een avontuur achter de rug. Ik ben blij dat je weer veilig thuis bent.

  • Dat rode peiltje, hè! Het is me wat om daarvoor te gaan. Met mijn inmiddels 60 jaar een onhaalbare klus. Eurolines is mij wel bekend.
    Goed bezig, Saskia! …..en fantastische foto’s!

  • Thanks Wiet! X

  • Dankjewel Yvonne! Tot snel.

  • Hoi Mr. Beemsterboer!
    Bedankt voor uw reactie. Ik hoop ook dat er nog veel tochten zullen volgen.

  • Dank Lisette!

  • Haha Natas, Gestoord? Echt niet! (nou ja, een beetje misschien?). Ik noem dat uitdagend, hier en daar wat pittig en lekker origineel. Maar heb stiekem ook wel gedacht: “Wat doe ik hier, ik met me idiote ideeën”. Maar nu ik weer veilig thuis ben kan ik er wel om lachen. Tot snel! X

  • Beste Hans,
    Ik hoop van harte dat er tochten voor u zijn met minder uitdagende “rode pijltjes”, zodat u ook op uw leeftijd van al het moois kan genieten. Eurolines beviel prima, maar de grenscontroles zijn niet mis in deze tijd en zo’n bus is altijd de klos.

  • Wat een avontuur! Ruige rotsen en mooie uitzichten! Een mooie beloning na zo’n drukke busreis!

  • Hoi Saskia, berggeit! Prachtige foto’s en wat een avontuur weer. Dat je het durft zo te kamperen met je tentje! Geweldig!! Prachtige tocht!!!!!

  • Hoi Fronica,
    Dank! Was in het echt nog veel mooier als op de foto’s.

  • De busreis is goed te doen, als je weet dat je na 20 uur midden in de bergen mag uitstappen.

  • Leuke tocht en leuk verhaal 🙂
    Knap gedaan in je eentje !

  • Leuk verslag Saskia!
    Lijkt me wel pittig die colletjes. Ik zie dat je stijgijzers bij had, heb je nog ander klimmateriaal nodig gehad?

    cheers

  • Hoi Kevin,
    Ik had inderdaad stijgijzers mee, maar die waren achteraf niet echt nodig, had ook wel zonder gekund denk ik. Verder geen klimmateriaal mee. Als je met z’n tweeën bent is een helm tegen de steenslag wel aan te raden.

  • Ik ben diep onder de indruk van je hoge prestatie. Wat een energie en doorzettingsvermogen. Trots op je.

  • Dank je Marijke. Het was echt héél fijn om weer in de bergen te zijn!!

  • Beste Saskia,
    Gefeliciteerd met deze prachtige, en allesbehalve evidente doorsteeek van de zuidzijde van het grote paradijs, die je daar gemaakt hebt. De Nederlanders en Vlamingen die deze doorsteek maakten kan je mogelijks op je twee handen tellen. Zelf kom ik al zowat dertig jaar in deze zuidelijke valleien van het natuurpark. De Colle della Motta zou ik zelf nooit meer opnieuw oversteken omdat ik de noordzijde ervan te gevaarlijk vind. Er is hier een prachtig alternatief voor dat een stuk veiliger is: de Colle di Ciardoney, die weliswaar enkele uren langer uitvalt om van Rif. Pocchiola Meneghello door te steken naar Bivacco Revelli, maar bij voldoende helder weer geen noemenswaardige moeilijkheden biedt. Het vergletsjerde sneeuwveld aan de noordoostzijde van de pas vertoont geen spleten. Ga je vroeg op de dag over de pas (harde sneeuw) dan zijn stijgijzers wel aan te bevelen, voor de zuidkant van die pas. Verder vraag ik me af hoe het momenteel zou zijn om vanuit Pont Valsavaranche direct over te steken naar Biv. Ivrea via de colle del Gran Paradiso. Twintig jaar geleden ging dit prima, maar toen kwam de sneeuw, ook ‘s zomers tot op de pas. Door de opwarming ziet het er daar nu helemaal anders uit (puinhelling). Mocht iemand daar recente informatie over hebben, laat het weten!
    Mocht je nog wandelingen maken aan de zuidkant van het Gran Paradiso-park, dan kan ik je ten zeerste de kaarten van ‘MU-edizioni’ aanbevelen. Er is ook een nieuwe, veelbelovende kaart in de maak van de uitgeverij ‘Fraternali Editore’ die het hele park zal omvatten.
    Nog vele mooie bergtochten toegewenst!
    Dany

  • Hoi Dany,

    Ik had mijn huiswerk gedaan en had ook Colle di Ciardoney als optie, daarom had ik ook stijgijzers bij. Toch had colle di Motta met zijn meertjes ook zijn aantrekkingskracht en heb ik voor deze gekozen, met de wetenschap dat ik op de col zou moeten omkeren als de afdaling aan de noordkant te gevaarlijk zou zijn. Door het gruis ging het redelijk soepel en viel de afdaling mee. Maar geen aanrader inderdaad.
    Bedankt voor alle info! Wellicht nuttig voor anderen die van plan zijn deze route te volgen.